Van Can Tho naar Phan Thiet
Van Can Tho naar Phan Thiet
Vroeg in de morgen gingen we naar de drijvende markt op de Mekong in Can Tho. Daarom stapten we met ons reisgezelschap op een boot die ons daarheen bracht. Het bleek een authentieke markt te zijn waar de ook aanwezige toeristen alleen een rol hadden als toeschouwer. Vis, maar vooral groente en fruit werd verhandeld om op die dag weer doorverkocht te kunnen worden op straat. Natuurlijk werd er wel een heerlijke verse ananas voor ons gekocht, die we ons goed lieten smaken.Ook grappig om te zien was dat de vrouw van de schipper haar teennagels lakte en versierde met een klein dun randje. Dit allemaal op de schommelende boot en zonder te morsen of uit te schieten.
Terug aan de wal wachtte de lange busreis naar onze laatste vakantiebestemming: Phan Thiet. Onderweg lunchten we in een van de weinige goede grote wegrestaurants. Een bijzonderheid die we daar zagen waren de de gebakken rijstebollen. Je kon dit luchtige hapje ter grootte van een voetbal kennelijk eten, maar niemand waagde zich eraan.
Opnieuw gingen we dwars door de drukke stad Saigon. Een rondweg is namelijk nog niet aangelegd. Eenmaal aangekomen in het levendige Phan Thiet schrokken we toen onze gids vertelde dat het resort een kleine tien kilometer verder lag. Het viel echter mee. Er bleek een soort Phan Thiet aan Zee te bestaan dat er ook heel gezellig uitzag. Sunny Beach Resort and Spa is een pachtig gelegen resort aan het strand. Onze kamer grenst aan de schitterend aangelegde tuin, vlak bij het grote zwembad en 50 meter verderop zit je op het strand. Dit soort tenten heet altijd '... and Spa', omdat ze hun luxe karakter willen benadrukken. De Spa komt neer op een afdeling waar je van de sauna - of het nog niet heet genoeg is hier - kunt genieten en tegen een flinke vergoeding gemasseerd kunt worden.
Zonder spa is het hier ook prima uit te houden. Het strand en de zee zien er aantrekkelijk uit en ligbedjes zijn er meer dan genoeg. We hebben lekker gesparteld in het zoute water, maar ons toch teruggetrokken naar de rand van het groot uitgevallen zwembad. De reden was dat een meisje uit ons gezelschap te maken kreeg met een pijnlijke kwallenbeet. Voorlopig dus maar even geen zee.
De rust hier is opmerkelijk. Er zijn niet veel gasten. Het hoogseizoen valt in onze wintermaanden. Het gevolg is dat je regelmatig alleen ronddrijft in dat enorme blauw gekleurde zwembad en 's avonds heb je de aantrekkelijk uitziende restaurantjes voor het uitzoeken. Het eten hier is van buitengewoon goede kwaliteit, ongeacht de keuze voor Aziatisch of westers voedsel. Alles is hier mogelijk en de volgende anecdote kan dit bewijzen.
We zitten met een bevriend stel te eten als we in gesprek raken met een twee kerels die hier al enige weken zijn. Zij vertellen dat de koffiemachine al maanden stuk is en dat een espresso er dus niet inzit. De Nescafé is echter een acceptabel alternatief. Maar als ze koffie bestellen, krijgen ze te horen dat de Nescafé op is. 'Potverdomme', zegt een van de twee, 'alweer?' Hij staat op, verlaat de zaak, komt drie minuten later weer terug met een pakje Nes en overhandigt dit aan de ober. 'Zo, nu kunnen jullie straks ook een bakkie doen,' zegt hij tegen ons. Hetgeen we gedaan hebben.
De nachtrust leek tot nu toe gegarandeerd, want hier zijn geen stampende disco's en na 10 uur hoopt het personeel dat je om de rekening vraagt. Dat doe je misschien niet meteen, maar je gaat dan ook geen uren meer door. Maar... nu hebben we 'Joe's Place' ontdekt. Joe is een Amerikaan van een jaar of veertig die met een Vietnamese getrouwd is. Hun 'place' is 24 uur per dag open. Waarschijnlijk uniek voor heel Vietnam. Op oude bankstellen gezeten kun hier naar de live muziek van een gitarist luisteren die een mengeling van pop- en bluesnummers ten gehore brengt. Tussen de bedrijven door klinkt oude jazz door de speakers. Joe vertelde dat het niet meeviel om een zaak te runnen in dit land, zelfs niet als je getrouwd bent met een Vietnamese dame. Waarschijnlijk had hij zich dit allemaal wat relaxter voorgesteld, toen hij besloot om Vermont te verlaten. Rob had de pech om naast een Australiër terecht te komen die met een vet accent hele verhalen hield, vooral in zijn nog steeds grotendeels dove rechteroor. De Australiër wist zeker dat hij hem de dag tevoren nog ontmoet had bij Jim en hij moest toch echt nietontkennen dat hij verdomd goed kon tafeltennissen. Pas toen Rob liet zien dat hij geen kootje in een van zijn vingers miste, kwam de Aussie tot de conclusie dat hij met een look-alike te doen had, of was het misschien toch zijn 'twin brother'...? Hij vertrouwde Rob toe dat zijn mate 'fucked up in the head' was en verliet met deze bolle vriend in onstabiele toestand het pand, daarbij ondersteund door een jonge en niet onknappe Vietnamese dame, die waarschijnlijk zijn huishoudster was...
Wij genieten overdag van de combinatie ligbed-boek-drankje. Dat hebben we wel verdiend na zo'n intensieve reis.
Op het moment van schrijven is de rest van de groep al vertrokken naar Nederland. We hebben ze uitgezwaaid. Samen met twee meiden blijven we achter om nog een paar heerlijke dagen te beleven.
Reacties
Reacties
En hebben jullie die homo's nog gezien?
Nog bij Joe's Place geweest?
Reageer
Laat een reactie achter!
- {{ error }}